Niets ten nadele van hoofdrolspeler August Diehl, maar de echte hoofdrol in deze film is weggelegd voor de natuur, de bergen, de rivieren, de bossen en de velden, in werkelijk magistrale schoonheid. Terwijl de wereld wegzakt in leugens en geweld als een donker dreigende achtergrond, blijft de natuur onveranderlijk een betrouwbaar decor van waarachtigheid. Of maak ik het te mooi en gaat er in al die schoonheid een stille onverschilligheid verborgen voor het wel en wee van kwetsbare helden? Het is aan de kijker. Er zijn kijkers geweest die hebben in de natuur een immanentie (een verborgen inwoning) Gods ontdekt, die juist tegenover de wereld van de mensen komt te staan als zij ontrouw worden aan het wonder van de schepping. Juist in het geheimenis van het wonder blijkt God dan ongenaakbaar transcendent blijkt te zijn (dat wil zeggen absoluut overstijgend).

Dat klinkt misschien moeilijk, maar, en dat is het knappe, dit is juist een film van ontroerende eenvoud en… gebaseerd op ware feiten, Terrence Malick is trouw aan zijn eerdere signatuur als regisseur, met lange opnames van wuivende graslanden en ruisende bomen. Dergelijke opnamen konden in The Tree of Life (2011) sommige kijkers ook wel eens te lang duren. Ook nu geen spannend plot en geen special effects. Ook dit is een trage, associatieve film die (schrik niet) drie uur duurt, een epos met een verborgen held, waarin de beelden je eigenlijk meer vertellen dan de dialogen. Maar wie zich laat meenemen wordt beloond met een authentiek verhaal dat fascineert en kan raken in je hart.

Een eenvoudige jonge boer uit een Oostenrijks dorp aan de grens met Duitsland lijkt de dans van langdurige dienstplicht en oorlogshandelingen te ontspringen, maar met de Anschluss van Oostenrijk bij het Duitse Rijk in maart 1938 verandert alles. Nu krijgen de Nazi’s het voor het zeggen. De meeste Oostenrijkers staan Hitler met bloemen op te wachten. De Führer heeft recht op onvoorwaardelijke gehoorzaamheid. Beelden van Leni Riefenstahl tonen de massale instemming. Slechts een enkeling durft ‘nee’ te zeggen als er aan de Führer trouw moet worden gezworen. Zo’n enkeling was de jonge Oostenrijkse boer Franz Jägerstätter. De film is gebaseerd op de brieven geschreven aan zijn vrouw Fani, van wie hij zielsveel hield.

Waarom zegt Jägerstätter ‘nee’? Hij is geen lid van een politieke partij en zijn Rooms-katholieke geloof is heel intuïtief en naïef. Waarom is hij zo koppig en zet hij zijn leven op het spel? Is het omdat hij zijn vader verloor in de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog? In de houding van Jägerstätter wordt een indringend en actueel probleem aan de orde gesteld. Kunnen wij nog ‘nee’ zeggen, niet omdat anderen om ons heen dat doen, maar werkelijk vanuit een eigen overtuiging?

En als je dan vraagt waarop die overtuiging ‘nee’ te zeggen is gebaseerd, kaatst de regisseur opnieuw de bal terug naar de kijker. Hij lijkt te suggereren dat het iets met de zuiverheid van die overweldigende natuur te maken heeft. Maar de andere dorpelingen dan? Die leven toch te midden van diezelfde natuur, maar sjouwen met z’n allen achter de Nazi’s aan. Als Franz wordt opgepakt, wordt zijn vrouw Fani liefdeloos uitgestoten, als vogelvrij uitgekotst eigenlijk. Te midden van een idyllische natuur, moet zij zwoegen om zichzelf en haar kinderen in leven te houden. Haar zuster is haar enige bondgenoot. De groente wordt van haar land gestolen.

De liefde tussen die twee, Franz en Fani wordt ondertussen heel teder en indrukwekkend mooi getekend en daarmee tilt de film toch een tipje van de sluier op. Hier ergens wortelt de kracht van het verzet tegen het kwaad, de moed om ‘nee’ te blijven zeggen. Hun geloof is echt. Waar de kerk het af laat weten, kennen zij in alle kwetsbaarheid de kracht van psalmgebeden. Hun liefde is onverwoestbaar. Ik moest denken aan een heel ander verhaal, maar waarin ook zoiets gebeurt, in het boek 1984 van George Orwell uit 1948. Alleen daar is geen ontsnappen aan het oog van de dictator dat alles ziet. Hier blijft het belangrijkste onzichtbaar. Het motto van de film (aan het eind in beeld) en ook de titel ‘A hidden life’ (eerst had de regisseur de naam van het dorp Sankt Radegund als titel in gedachten) zijn ontleend aan een geschrift van de schrijfster George Elliot, pseudoniem van Mary Anne Evans (1819-1880):

The growing good of the world is partly dependent on unhistoric acts; and that things are not so ill with you and me as they might have been, is half owing tot the number who lived faithfully a hidden life, and rest in unvisited tombs.

Kortom, het goede wordt vaak niet gezien en de wereld wordt gered door onbekenden met een geheim in hun hart.

Nogmaals, de beelden vertellen een verborgen verhaal. De waarheid waarop de leugen afbreekt zit aan de binnenkant van slechts een paar mensen.

Er zijn in dit verband twee belangrijke sleuteldialogen. De eerste is die van Franz met een schilder bezig met afbeeldingen in de kerk. (Er komt een scène uit de film ‘Rublev’ over de beroemde Russische iconenschilder met die naam van Andrej Tarkovsky uit 1966 in herinnering.) De schilder overleeft door het leed te schilderen. Mensen verliezen zich in zijn ideaaltekening van heiligen. Maar het echte lijden van de mens, is dat wel af te beelden? Hier komt indirect een belangrijk Christusmotief naar voren, dat om reflectie vraagt juist in deze tijd voorafgaande aan het Paasfeest. De verwachting is dat regisseur Terrence Malick dit verder gaat uitwerken in de Jezusfilm die hij momenteel aan het maken is en die eind 2020 bedoeld is te verschijnen.

De tweede dialoog met een sleutelfunctie is die van Franz Jägerstätter met een van zijn militaire rechter, die wordt gespeeld door Bruno Ganz, de acteur die kort daarop is overleden. Het was zijn laatste rol. (In de Lutherfilm van Eric Till uit 2003 was Ganz de mentor van de hervormer Luther.) Hier in ‘A Hidden Life’ speelt hij op indrukwekkende wijze een vertegenwoordiger van het regiem, die door de standvastigheid van de Oostenrijkse boer zelf in een identiteitscrisis belandt. Ik moest denken aan de grootinquisiteur in De gebroeders Karamazow van Dostojewski, maar natuurlijk vooral aan Pilatus. Wie oordeelt wie? De rechter eindigt op de stoel van de ter dood veroordeelde. Jägerstätter heeft met zijn houding niets te winnen, maar juist daarom wordt hij een martelaar met een getuigenis dat naar een andere werkelijkheidsbeleving verwijst.

Hoeveel ‘hidden lives’, verborgen levens zullen er zijn geweest? Hoeveel zijn er vandaag? Een prachtige film voor in de veertigdagen.